- Heb je een BV en sta je daar zelf in loondienst? Dan ben je formeel werknemer van je eigen onderneming en val je wél onder de pseudo-eindheffing. Voor DGA’s die in een fossiele auto rijden vanuit hun BV betekent dit per 2027 een fors hogere kostenpost.
- Groeit je eenmanszaak naar een BV met personeel? Dan geldt de heffing vanaf 2027 wel voor de auto’s die je aan dat personeel ter beschikking stelt. Voor je eigen ondernemersauto niet, mits die op de zaak staat als ondernemingsvermogen (eenmanszaak) en niet via een werkgever-relatie loopt.
- En als je nu een DGA bent met een youngtimer? Dubbel pijnlijk. Naast de pseudo-eindheffing wordt de youngtimerregeling per 2027 versoberd. De grens schuift van 16 naar 25 jaar. Combineer dat met de 12 procent heffing en je kostenplaatje als DGA verandert flink.
Vandaag is een opvallende dag in fiscaal Nederland. 1 juni 2026 is de deadline uit de aangenomen motie waarop het kabinet de Tweede Kamer moet informeren over de gesprekken met de auto- en leasebranche over de pseudo-eindheffing. Die heffing van 12 procent over de cataloguswaarde van brandstofauto’s die werkgevers vanaf 2027 ter beschikking stellen aan medewerkers raakt vrijwel iedere onderneming met fossiele personenauto’s in het wagenpark.
Voor een auto van 50.000 euro betaal je als werkgever 6.000 euro extra per jaar. Doorbelasten aan je werknemer? Wettelijk verboden. En het pijnlijkste: voor de pseudo-eindheffing telt woon-werkverkeer als privégebruik. Compleet anders dan bij de bijtelling.
In dit artikel lees je precies hoe de pseudo-eindheffing brandstofauto regeling werkt, voor wie hij geldt, wat de overgangsregeling tot 17 september 2030 betekent en welke strategieën je nu al kunt inzetten om de schade te beperken. Inclusief de stand van zaken rond de motie van vandaag.
Wat is de pseudo-eindheffing precies?
“Pseudo” betekent schijnbaar. Technisch is het een vorm van loonbelasting die de werkgever betaalt, maar zonder dat de werknemer er iets van merkt. Tenminste, niet op zijn loonstrook. Wel in zijn auto-aanbod, want werkgevers gaan deze regeling voelen.
De maatregel staat in het Belastingplan 2026 dat in december 2025 door de Eerste Kamer is goedgekeurd. Vanaf 1 januari 2027 betalen werkgevers 12 procent per jaar over de cataloguswaarde (inclusief BTW en BPM) van elke brandstofauto die zij beschikbaar stellen aan een medewerker voor privégebruik. Onder privé valt ook woon-werkverkeer. Doorberekenen aan de werknemer mag wettelijk niet.
De pseudo-eindheffing is een nieuwe loonheffing van 12 procent over de cataloguswaarde van brandstofauto’s die werkgevers vanaf 1 januari 2027 ter beschikking stellen aan medewerkers voor privégebruik. De werkgever betaalt deze belasting zelf en mag de kosten wettelijk niet verhalen op de werknemer. Voor een auto van 50.000 euro betekent dat 6.000 euro extra belasting per jaar.
Voor welke auto’s geldt de pseudo-eindheffing?
Hier zit de meeste verwarring. Wij krijgen er dagelijks vragen over.
De heffing geldt voor personenauto’s met CO2-uitstoot. Dus benzine, diesel én alle vormen van hybride, inclusief plug-in hybride. Dat laatste verrast veel ondernemers, want plug-in hybrides werden de afgelopen jaren juist als “milieuvriendelijk” verkocht. Voor de pseudo-eindheffing maakt dat geen verschil. Stoot de auto CO2 uit? Dan val je onder de heffing.
Wat valt er niet onder? Volledig elektrische personenauto’s, waterstofauto’s, alle bestelauto’s (ongeacht aandrijving) en personenauto’s die uitsluitend zakelijk worden gebruikt. Bij dat laatste mag woon-werkverkeer dus ook niet meer voorkomen. Het kabinet heeft in de nota naar aanleiding van het tweede verslag bevestigd dat de heffing niet geldt als de auto puur zakelijk wordt ingezet om de organisatie te laten functioneren.
Technisch draait het om de M1-classificatie in het kentekenregister. M1 staat voor personenvervoer met maximaal 9 zitplaatsen. Bestelauto’s hebben een N1-classificatie en vallen daardoor automatisch buiten de regeling. Voor onderhouds- en bouwbedrijven die met bestelauto’s werken is dat goed nieuws.
Tabel: wel of niet onder de pseudo-eindheffing
| Voertuigtype | Pseudo-eindheffing 2027 |
| Benzineauto (personenauto) | Ja, 12% |
| Dieselauto (personenauto) | Ja, 12% |
| Hybride (mild of full) | Ja, 12% |
| Plug-in hybride | Ja, 12% |
| Volledig elektrische auto | Nee |
| Waterstofauto | Nee |
| Bestelauto (alle aandrijvingen) | Nee |
| Personenauto uitsluitend zakelijk (geen woon-werk) | Nee |
De grote verwarring: pseudo-eindheffing versus bijtelling
Dit stukje verdient extra aandacht. Het is dé valkuil van de hele regeling.
Bijtelling en pseudo-eindheffing lijken op het eerste gezicht op elkaar. Beide gaan over een auto van de zaak die ook privé wordt gebruikt. Beide rekenen met een percentage van de cataloguswaarde. Maar daar houdt de overeenkomst op.
Bij de bijtelling kijkt de fiscus naar wat de medewerker daadwerkelijk privé rijdt. Onder de 500 kilometer privé per jaar? Geen bijtelling. En heel belangrijk: woon-werkverkeer telt voor de bijtelling als zakelijk.
Bij de pseudo-eindheffing is het anders. Hier kijkt de fiscus niet naar het aantal gereden privékilometers, maar naar wat de werkgever heeft toegestaan in het reglement. Mag de auto privé worden gebruikt, ook al gebeurt het nauwelijks? Heffing. En woon-werkverkeer telt hier als privégebruik. Dus zelfs als je medewerker een sluitende rittenadministratie heeft en onder de 500 km privé blijft, ben je als werkgever heffingsplichtig zodra hij met de auto naar het werk rijdt.
Concreet voorbeeld: Stel je hebt een medewerker die 30.000 kilometer per jaar rijdt. Daarvan is 20.000 woon-werk en 400 echt privé (boodschappen, weekendritje). Voor de bijtelling? Geen probleem, want hij blijft onder de 500 km echt privé. Voor de pseudo-eindheffing? Wel heffingsplichtig, omdat woon-werk meetelt als privé.
Tabel: bijtelling versus pseudo-eindheffing
| Aspect | Bijtelling | Pseudo-eindheffing |
| Wie betaalt? | Werknemer | Werkgever |
| Percentage 2027 | 20% (EV tot 30k) of 22% | 12% van cataloguswaarde |
| Telt woon-werk als privé? | Nee | Ja |
| Drempel | Onder 500 km privé = geen bijtelling | Privégebruik toegestaan = heffing |
| Doorbelasting medewerker | Niet van toepassing | Wettelijk verboden |
De rekensom: wat gaat het je écht kosten?
Tijd voor de cijfers. Want abstracte percentages zeggen weinig. Hieronder een paar realistische voorbeelden.
Een kleine zakelijke auto met een cataloguswaarde van 25.000 euro? 12 procent daarvan is 3.000 euro per jaar. Een middenklasse benzineauto of hybride van 40.000 euro? 4.800 euro per jaar. Een premium SUV van 65.000 euro? 7.800 euro per jaar. Per maand komt dat neer op ergens tussen de 250 en 650 euro extra per voertuig.
En dat is per auto. Bij een wagenpark van twintig brandstofauto’s met een gemiddelde cataloguswaarde van 40.000 euro tikt het door tot 96.000 euro per jaar. Aan zuivere extra kosten. Bovenop de leasekosten, brandstof en wegenbelasting.
Een belangrijke nuance: deze kosten komen naast de bijtelling die de medewerker betaalt. Stapeling van regelingen dus.
Een werkgever die in 2027 een benzineauto van 40.000 euro ter beschikking stelt aan een medewerker betaalt 4.800 euro extra per jaar via de pseudo-eindheffing. Voor een wagenpark van 20 brandstofauto’s met een gemiddelde cataloguswaarde van 40.000 euro loopt dat op tot 96.000 euro per jaar.

De overgangsregeling tot 17 september 2030
Hier zit een belangrijke uitzondering, en daarmee strategische ruimte.
Auto’s die vóór 1 januari 2027 ter beschikking zijn gesteld vallen onder een overgangsregeling. Die loopt tot 17 september 2030. Praktisch betekent dat: een brandstofauto die je in december 2026 nog op de oprit zet, blijft tot bijna vier jaar later vrij van de heffing.
Maar let op met termijnen. Een operational lease van vijf jaar die in december 2026 begint, loopt door tot eind 2031. De laatste 14 maanden van dat contract ben je dan alsnog heffingsplichtig.
Twee belangrijke regels rond de overgangsregeling. Bij wisseling van werkgever vervalt de uitzondering direct. De auto die mee verhuist naar een nieuwe werkgever wordt vanaf de eerste dag belast. Bij wisseling van medewerker binnen dezelfde werkgever blijft de overgangsregeling gewoon doorlopen. Welke werknemer er rijdt maakt dus niet uit, zolang het dezelfde werkgever is.
Strategisch advies: ga je nu nog een brandstofauto leasen voor 2027? Kies dan een looptijd van maximaal 48 maanden eindigend vóór 17 september 2030, of zorg dat het contract zonder vergoedingsplicht voortijdig kan worden beëindigd.
De vergeten doelgroep: ZZP’ers en eenmanszaken
Hier komt goed nieuws, want over deze groep is in andere artikelen weinig te lezen.
ZZP’ers met een eenmanszaak vallen volledig buiten de pseudo-eindheffing. Reden: er is geen werkgever-werknemer relatie. Je hebt geen baas, dus er is niemand die jou als werknemer een auto ter beschikking stelt. Voor een ZZP’er met een fossiele shortlease verandert er fiscaal niets in 2027.
Maar opgepast. Drie scenario’s waarin dit kantelt:
ZZP’ers met een eenmanszaak vallen niet onder de pseudo-eindheffing. Voor hen blijft brandstof shortlease in 2027 en daarna fiscaal aantrekkelijk. Voor DGA’s met een BV en zichzelf op de loonlijst ligt dit anders, want zij zijn formeel werknemer van hun eigen onderneming.
Update vandaag, 1 juni 2026: de stand van zaken motie
Hier is de actualiteit. Vandaag is een deadline-dag.
Op 31 maart 2026 nam de Tweede Kamer een motie aan van Inge van Dijk (CDA) en Wendy van Eijk-Nagel (VVD). De motie vraagt de regering om met de auto- en leasebranche in overleg te gaan over de zogenoemde “onwenselijke effecten” van de pseudo-eindheffing. Knelpunten: vervangend vervoer, autoverhuur, schadeherstel en rijscholen.
De directe aanleiding was een brandbrief van twintig werkgeversorganisaties, waaronder BOVAG. De volledige actuele stand van zaken kun je nalezen op het BOVAG-dossier pseudo-eindheffing. Op 28 mei 2026 deed ook de Vereniging Zakelijke Rijders nog een oproep om een uitzondering te maken voor leaseauto’s die meeverhuizen naar een nieuwe werkgever.
De deadline voor het kabinetsverslag aan de Tweede Kamer: vandaag, 1 juni 2026. Op het moment van schrijven was het verslag nog niet openbaar beschikbaar. Wij volgen dit op de voet en updaten dit artikel zodra de uitkomsten bekend zijn.
Belangrijk om te benadrukken: de pseudo-eindheffing zelf staat niet ter discussie. Wat besproken wordt zijn alleen knelpunten in de uitvoering en mogelijke uitzonderingen voor specifieke situaties. De ingangsdatum 1 januari 2027 blijft staan.
Vandaag, 1 juni 2026, moet het kabinet de Tweede Kamer informeren over de gesprekken met de auto- en leasebranche over de pseudo-eindheffing. De heffing zelf gaat per 1 januari 2027 in en staat niet ter discussie. Aan de orde zijn alleen knelpunten rond vervangend vervoer, baanwisselingen en specifieke sectoren.
Het pijnpunt waar Drive elke dag mee te maken heeft: vervangend vervoer
Een sectie die je waarschijnlijk in geen enkel concurrent-artikel zo concreet leest.
De pseudo-eindheffing wordt berekend per hele kalendermaand. Stel: een medewerker met een elektrische auto van de zaak brengt zijn EV naar de garage voor onderhoud en krijgt voor twee dagen een fossiele leenauto mee. Dan ben je als werkgever voor die hele kalendermaand pseudo-eindheffing verschuldigd over de leenauto. Twee dagen gebruik, één maand heffing.
Pijnlijker wordt het als die twee dagen toevallig in twee verschillende kalendermaanden vallen. Brengt de medewerker de auto op 31 maart en haalt hij hem 1 april weer op? Dan betaal je twee volle maanden heffing. Bij een leenauto van 35.000 euro is dat 350 euro per maand. Twee maanden, 700 euro. Voor één onderhoudsbeurt. Niet best.
Dit is precies waar de motie van 31 maart over gaat. Werkgeversorganisaties vragen om een uitzondering voor vervangend vervoer met een maximale duur (bijvoorbeeld één maand). De Belastingdienst heeft tot nu toe aangegeven geen uitzonderingen te willen. Wij wachten met spanning af wat het kabinetsverslag vandaag oplevert.
Wat shortlease specifiek interessant maakt in deze transitie
Hier wordt het commercieel relevant zonder dat we gaan verkopen.
Lange leasecontracten van vier of vijf jaar zijn in 2026 ineens een risico. Sluit je nu een 60-maanden operational lease af voor een benzineauto? Dan loopt dat contract door tot na 17 september 2030 en ben je het laatste deel heffingsplichtig. Bovendien zit je vast aan brandstof in een markt die richting EV beweegt. Shortlease lost dit op. Bij Drive bieden we zakelijke shortlease met contracten van 1 tot 18 maanden. Geen meerjarige verplichting, geen BKR-registratie en geen vastzittend kapitaal. In een transitieperiode is dat goud waard.
Drie concrete scenario’s waarin shortlease een uitkomst is.
Twijfel je of een EV werkt voor je buitendienst-medewerker met lange ritten? Probeer het drie maanden via elektrische shortlease. Werkt het? Stap dan over op een vast contract. Werkt het niet? Stop zonder gedoe.
Wacht je op een specifieke elektrische auto die nog niet leverbaar is? Overbrug met een korte shortlease zonder dat je je vier jaar vastlegt op iets dat je eigenlijk niet wilt.
Heb je tijdelijk extra capaciteit nodig voor een project, een piek of vervangend vervoer? Bestelauto’s via shortlease vallen sowieso buiten de pseudo-eindheffing. Personenauto’s korter dan een maand zijn nog steeds een knelpunt, maar wij volgen de uitkomst van de motie nauwlettend.
Strategie voor 2026: wat moet je nu concreet doen?
Genoeg uitleg. Tijd voor actie.
- Voor Q2 2026 (nu dus): inventariseer je wagenpark. Welke auto’s lopen door na 1 januari 2027? Welke daarvan zijn brandstof, hybride of plug-in hybride? Welke medewerkers gebruiken hun auto voor woon-werkverkeer? Dat zijn de heffingsplichtige situaties.
- Voor Q3 2026: bereken de impact per auto. Cataloguswaarde keer 12 procent. Maak een beslismatrix per voertuig: vervangen voor EV, oppakken via shortlease, of behouden onder de overgangsregeling. Overweeg om kortlopende shortlease in te zetten voor proefritten met EV’s bij medewerkers die er sceptisch tegenover staan.
- Voor Q4 2026: sluit lopende beslissingen af. Brandstofauto’s die je nog wilt voor de overgangsregeling moeten vóór 1 januari 2027 op de oprit staan en ter beschikking zijn gesteld aan een medewerker. Maak afspraken met je leasemaatschappij over flexibele contracten.
- Voor Q1 2027: monitor de eerste loonheffingsaangiftes en evalueer of de impact klopt met je berekening. Pas je beleid waar nodig aan.
Het stappenplan voor werkgevers in 2026: inventariseer je wagenpark, bereken de pseudo-eindheffing per voertuig, maak een transitieplan per auto en zorg dat brandstofauto’s die je nog onder de overgangsregeling wilt brengen vóór 1 januari 2027 ter beschikking zijn gesteld aan een medewerker.
Vier alternatieven om de pseudo-eindheffing te vermijden
Volledig overstappen op elektrisch. EV’s en waterstofauto’s zijn vrijgesteld van de heffing. Onderzoek de Total Cost of Ownership want elektrisch komt op leasekosten vaak goedkoper uit dan benzine, helemaal als je de pseudo-eindheffing meerekent. Wel even nadenken over laadinfra op kantoor en thuis.
Bestelauto’s waar mogelijk. Voor bouw, installatie en onderhoudsbedrijven: bestelauto’s vallen volledig buiten de regeling, ongeacht aandrijving. Diesel of benzine maakt niet uit. Wel even checken op de specifieke BTW-regels voor bestelauto’s en de Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik.
Brandstofauto’s volledig uit het privécircuit halen. Geen woon-werkverkeer meer toestaan, alleen pure zakelijke ritten met sluitende administratie. In de praktijk werkt dit alleen in specifieke situaties. Denk aan een sales-auto die altijd bij een depot blijft staan, of een poolauto die overdag bij meerdere medewerkers in gebruik is.
Shortlease als overbruggingsstrategie. Geen vast vier-jaars contract, wel flexibiliteit om te switchen wanneer een geschikt EV-alternatief beschikbaar komt. Voor MKB-werkgevers vaak de meest pragmatische route.
Veelgestelde vragen over de pseudo-eindheffing
Wat is de pseudo-eindheffing op brandstofauto’s?
Een loonheffing van 12 procent over de cataloguswaarde van een brandstofauto die een werkgever ter beschikking stelt aan een medewerker voor privégebruik (inclusief woon-werkverkeer). Gaat in per 1 januari 2027.
Wanneer gaat de pseudo-eindheffing in?
Per 1 januari 2027. Voor auto’s die vóór deze datum ter beschikking zijn gesteld geldt een overgangsregeling tot 17 september 2030.
Geldt de pseudo-eindheffing voor ZZP’ers?
Nee. ZZP’ers met een eenmanszaak vallen buiten de regeling, omdat er geen werkgever-werknemer relatie is. DGA’s met een BV vallen er wel onder.
Telt woon-werkverkeer mee als privégebruik?
Ja. Voor de pseudo-eindheffing is dit anders dan bij de bijtelling. Bij de pseudo-eindheffing telt woon-werkverkeer wél als privégebruik.
Mag ik de pseudo-eindheffing doorberekenen aan mijn medewerker?
Nee, dit is wettelijk verboden. De werkgever draagt de volledige kosten.
Geldt de pseudo-eindheffing ook voor hybride auto’s?
Ja. Alle hybride vormen, inclusief plug-in hybride, vallen onder de heffing.
Welke auto’s zijn uitgezonderd?
Volledig elektrische auto’s, waterstofauto’s, bestelauto’s en personenauto’s die uitsluitend zakelijk worden gebruikt zonder woon-werkverkeer.
Wat kost de pseudo-eindheffing voor een auto van 40.000 euro?
12 procent van 40.000 euro is 4.800 euro per jaar.
Kan ik de overgangsregeling behouden als ik mijn werknemer een andere auto geef?
Ja, binnen dezelfde werkgever blijft de overgangsregeling intact. Bij wisseling van werkgever vervalt de uitzondering.
Geldt de heffing ook bij tijdelijk vervangend vervoer?
Op dit moment wel. De heffing wordt per hele kalendermaand berekend, ook bij één dag gebruik. Werkgeversorganisaties dringen aan op een uitzondering hiervoor. Het kabinetsverslag van vandaag (1 juni 2026) moet hierover meer duidelijkheid geven.
Conclusie en wat Drive voor je kan betekenen
De pseudo-eindheffing brandstofauto regeling is een feit. Ondanks de motie en de gesprekken die nu lopen. Voor werkgevers met een wagenpark brandstofauto’s komt er vanaf 2027 een aanzienlijke kostenpost bij. Voor ZZP’ers met eenmanszaak verandert er niets.
Shortlease biedt in deze transitieperiode een unieke combinatie van flexibiliteit en lage commitment. Geen vier- of vijfjarig contract dat je in 2030 nog steeds heffingsplichtig maakt. Geen vastzittend kapitaal in een wagenpark dat snel veroudert.
Wij bij Drive zien dagelijks welke vragen werkgevers, fleetmanagers en HR-professionals hebben over deze regeling. Vraag vrijblijvend een gesprek of offerte aan, dan denken we met je mee over de slimste route voor jouw wagenpark. Eén aanspreekpunt, snelle levering en geen onaangename verrassingen.
Disclaimer: Dit artikel is met zorg samengesteld op basis van de fiscale regels en aangenomen wetgeving zoals die golden op 1 juni 2026. De uitkomsten van het lopende overleg tussen kabinet en branche kunnen leiden tot wijzigingen in de uitvoering van de pseudo-eindheffing. Voor jouw specifieke situatie raden wij aan om altijd je belastingadviseur of accountant te raadplegen.